Al 60 jaar thuis op nummer 1
Het adres van Wim en Betsie Bakker is al ruim een halve eeuw hetzelfde: Primulastraat 1 in Nieuw-Buinen. Wim ging er 60 jaar geleden wonen met zijn ouders; hij was toen 22. Een half jaar later vertrokken zijn vader en moeder vanwege een nieuwe baan, ergens anders. Wim trok de stoute schoenen aan en vroeg aan de gemeente: “Mag ik hier niet blijven?” Dat kon. Hij is er nog steeds dik tevreden mee, Betsie net zo goed. Ook op hun 82ste denken ze nog geen moment aan verhuizen. Wat is er zo fijn aan deze plek? Wat zagen ze in al die jaren veranderen in de buurt? Wim vertelt en vertelt. “Wat gek, normaal praat ik nooit zo veel!”

“In de begintijd hadden we heel weinig. Geen wasmachine, geen televisie. Ik kwam net uit militaire dienst, waar ik 1 gulden per dag kreeg. Toen ik eenmaal in de techniek werkte, bij Machinefabriek Oost-Groningen (het latere GTI) had ik een loon van 100 gulden per week. Dat kreeg je in een papieren zakje. Ben ik ook een keer kwijtgeraakt, dat zakje. Ik werkte veel in de aanleg van nieuwe verdeelstations voor het Groningse gas. Toen we onze eerste tv konden kopen, zijn we die achterop de fiets gaan halen bij de Philips winkel. De eerste snackbar ging open, helemaal in Gasselte. Wij op de brommer of met de bus ernaartoe. Er kwam een dancing in Emmen. Een avondje uitgaan betekende één colaatje, anders werd het te duur. Hier in het dorp was nog bijna niks. Wat winkeltjes aan het kanaal, speciaal voor schippers. Die kochten daar niet alleen brandstof, maar ook levensmiddelen en kleding. We zijn altijd helemaal op Stadskanaal gericht geweest; daar ging ik vroeger ook naar school.”
Wim vindt zelf dat hij Gronings spreekt, ook al ligt Nieuw-Buinen officieel nog nèt in het uiterste randje Drenthe. “Dat is hier allemaal één pot nat. We zijn een ‘grensgeval’. Streektaal kent helemaal geen grenzen.”

“Het is een erg fijne buurt om te wonen hier. Lekker groen, veel bomen, brede groenstroken, lekker ruim zicht. Toen de huizen gebouwd werden, kreeg iedereen achter de eigen tuin en berging nog een lapje grond om als moestuin te gebruiken. Dat was toen heel gewoon; iedereen deed het. Wij zijn nu de enigen die daar nog wat groente verbouwen. Tomatenplanten in de zon, aardappelen in potten, aardbeien, overal verspreid tussen de bloemen door. Voor een paar buren die geen zin meer hebben in een moestuin, onderhoud ik dat stukje grond ook. Misschien dat Lefier me bij de 65 jaar huur een elektrische grasmaaier cadeau kan geven; daar heb ik meer aan dan aan een gouden horloge! Allebei mag ook wel.”

Wim en Betsie ogen opmerkelijk fit en jeugdig voor hun leeftijd. “Ik ben sowieso altijd bezig, ik kan niet stilzitten. Dat sportieve en energieke moet er van jongs af aan inzitten denk ik; je kunt er niet ineens na je pensioen mee beginnen. We wandelen elke dag zo’n anderhalf uur; of we gaan met de fiets naar de Pageplas. Een gewone fiets hoor, je moet zelf trappen, voor ons geen e-bike! Na een wandeling kan ik heel goed tot 8 uur ’s avonds tuinieren of klussen. In dit huis heb ik heel veel zelf gedaan. Romantische open haard erin, open haard er ook weer uit. Grotere toiletruimte, door het muurtje tussen de wc en de meterkast weg te halen. Als je binnenkomt, gaat de radio vanzelf aan. De dikke houten kasteelpoort naar de achtertuin heb ik helemaal zelf getimmerd en geplaatst. Veel meubels binnen en buiten heb ik ook zelf gemaakt; leuk om te doen en ik hou gewoon niet zo van betalen. We veranderen alleen iets aan het huis als het duidelijke verbeteringen zijn. Maar we zijn vooral heel snel tevreden met wat we hebben. Daarom zijn we ook nooit verhuisd, vermoed ik. Jonge mensen zouden onze keuken misschien omschrijven als ‘gedateerd’ (60 jaar oude wandtegeltjes), maar dat gaat toch prima zo?”

“We merken dat de buurt erg is veranderd. Wat rommeliger. Toen we hier net woonden, kenden we iedereen; op straat groette je elkaar. We liepen de deur niet bij elkaar plat, maar er was veel saamhorigheid. En de voortuinen waren netter! Een paar huizen verderop woont een jonge jongen (nou ja, 30), ik weet eigenlijk niet eens zijn naam. Die zit de hele dag op zijn computer. Denk je dat die zin en tijd heeft om zijn voortuintje bij te houden? Daar staat gewoon onkruid en wild gras. Het hoeft natuurlijk niet zo keurig en fleurig als bij ons, maar wel graag een beetje verzorgd. Dat is toch voor iedereen leuker? In de zijstraten zie je ook wel eens oude troep in de voortuin, een fiets die al jaren niet is gebruikt. Ik weet dat ze daar bij Lefier wel attent op zijn, maar je kunt niet alles in de hand hebben, dat snap ik wel. Sowieso zijn de mensen veel meer op zichzelf vandaag de dag. Dat komt ook door internet en social media. Als onze kleinkinderen meekomen met onze zoon, zitten ze vaak de hele tijd op hun telefoon. Gaan ze weer naar huis, dan zeggen we nog even: leuk dat jullie geweest zijn, bij opa en oma. Tot de volgende keer! Nee, ze zijn echt dol op ons, hoor; vooral als we het zakgeld een beetje aanvullen. Dat kunnen we makkelijk doen, nu we zo betaalbaar wonen. We hebben ook altijd lekker veel gereisd. Van de Noordkaap in Noorwegen tot Zwitserland en Turkije. Dat is óók een voordeel van dit huis."