Een goede buur is vaak beter dan een verre vriend

Je zou zeggen: een niets-aan-de-hand flat, zoals je er veel meer hebt in Nederland. De Kerspellaanflat, aan de rand van de wijk Angelslo in Emmen, voordat Emmerhout en Emmerdennen beginnen. Aardige plek om te wonen, met uitzicht op oude bomen en een parkje met dikke vijver en fontein. Het écht bijzondere aan dit complex met 57 appartementen voor 55-plussers vind je op de begane grond. Kerspelhome staat er op de ingang. Hoe moet je het precies noemen? Buurthuis, clubhuis, vergaderruimte, hangplek, leslokaal, speelplek, feestzaal? Flatbewoner Machtelt de Haan legt tijdens een Crea-Middag (schilderen, naaien, breien, sieraden maken, kerstversieringen knutselen) uit wat stiekem de bedoeling is: “Elkaar ontmoeten. Even proeven hoe het met de ander gaat. Eerlijk is eerlijk, al die speelse activiteiten, zoals de kaartavonden en spelletjesavonden, ik zou bijna zeggen: dat is een beetje bijzaak. Het gaat om contact.”

“We zijn hier een soort dorp op zich. Natuurlijk kun je het met de één wat beter vinden dan met de ander, dat is in elk dorp zo, maar we zijn wél allemaal buren! We hebben elkaar nodig. Beneden bij elkaar komen is veel laagdrempeliger dan officieel aanbellen met de vraag: zeg, vertel, hoe is het nu met je? Tijdens het knutselen merk je vanzelf wel of iemand wat extra aandacht nodig heeft of ergens mee in zijn maag zit. Zich misschien tijdelijk wat eenzaam voelt, of ergens praktische hulp bij kan gebruiken. Vergeet niet, voor 55-plussers gaat nieuwe vriendschappen opbouwen toch wat moeizamer. De maatschappij is bovendien steeds individualistischer geworden, iedereen is meer op zichzelf gericht nu.”

Nicole is voorzitter van de bewonerscommissie. Ze is er gezellig bij komen zitten. “Machtelt is een bekende verschijning hier in Emmen. Heel herkenbaar, dankzij de bloemenfiets! Die is écht superleuk!” Over het werk van de Bewonerscommissie: “We praten over van alles, in het algemeen belang: veiligheid, energielabel, de schoonmakers, noem maar op. Het is niet alleen leuk om te doen, we bereiken ook veel. We praten met de woningcorporatie, met de gemeente, binnenkort komt de brandweer op inspectie. Als we een aanpassing willen, luistert Lefier meestal wel. Een goed voorbeeld is het parkje achter de flat. Overdag is het wandelpad rond het water een begrip als ‘Rondje Vijver’ voor onze huurders die kalmpjes aan moeten oefenen met een nieuwe heup of knie. Later op de avond werd het er wel eens onrustig, omdat hangjongeren uit de buurt het onderste balkon graag als schuilplek tegen de regen gebruikten. Nu staat er stevig hekwerk voor en ligt er geen troep meer; we hebben geen geluidsoverlast meer. Kan iedereen weer lekker rustig slapen!”

Het idee voor ontmoetingsplek ‘Kerspelhome’ begon heel voorzichtig. “Lefier bood ons de ruimte aan na het vertrek van onder andere een fysiotherapeut. Het is een H-vormige ruimte met twee lange kamers en daartussen een keuken. Eerst zijn we de deuren langs gegaan met een brief: wat willen jullie met de nieuwe ruimte beneden? Voor de Crea-Middagen hadden we nog niks in huis, dus ik begon maar met wat vouwen met goedkoop crêpepapier. En moet je nu zien!” Er staat een kastenwand vol boxen met wol, papier, kralen, garen, grote lappen stof, kleine lapjes, verf, scharen, plakband, een lijmpistool, sjoelbakken, een kast vol boeken voor het grijpen, de Puzzle-O-Theek met legpuzzels die je mag lenen. “Nieuwe puzzels zijn nu eenmaal duur. We doen overigens nooit moeilijk als je de geleende puzzel af hebt en je wilt hem houden. Voor de komende tijd zijn er nog plannen genoeg: een lezing, een filmavond, dat soort dingen.”

Elke morgen om 10 uur is er koffie. Daar heeft Machtelt zelf niet altijd genoeg tijd voor: “Ik heb het aardig druk, met van alles. Op dinsdagmorgen doe ik met een leuke groep aan nordic walking. En ik ben altijd als vrijwilliger aanwezig bij het Parkinson Café, voor Parkinsonpatiënten, hun dierbaren en belangstellenden.” 

De link met Parkinson? Een jaar geleden overleed haar man Hein aan de gevolgen van Parkinsonisme. Toen de gezondheid van haar man achteruit holde, leerde Machtelt de andere kant van de medaille kennen: geholpen worden, in plaats van hulp bieden. “Ik merkte toen hoe belangrijk een goede band met je buren is. Ik kon bij mijn buurvrouw altijd even terecht om mijn verhaal te doen. Ook flatbewoner Marja stond steeds voor me klaar als het nodig was. Zij heeft ervaring in de zorg; ze wist soms de weg als ik er niet uit kwam. Ik mocht haar midden in de nacht bellen, als het nodig was. Dat heb ik ook een keer letterlijk gedaan, toen Hein gevallen was en overeind geholpen moest worden. Je hoeft dan geen familie of kennissen te bellen, die aan de andere kant van het land wonen. Net als Nicole overigens; zij weet door haar werkervaring goed hoe de lijnen in de zorg lopen. Na de dood van mijn man heeft Nicole me in het begin enorm geholpen met de administratie; zij is veel beter met de computer (dat deed mijn man allemaal) en sowieso gestructureerder. Ik had het alleen zeker niet gered, in die tijd. Zo brengen we dus allemaal iets in, waar anderen profijt van hebben. Maar je moet het wel van elkaar weten. Nogmaals: daarom zijn die ongedwongen ontmoetingen zo belangrijk. Anders weet je niks van elkaar!”